arrow_drop_up arrow_drop_down

OP BEZOEK BIJ: VINCENT VAN RIEL IN JAPAN

VINCENT VAN RIEL IN JAPAN:

“Op dag vijf zat ik met een helm op onder mijn bureau vanwege een aardbeving

Hij is nog maar net terug in Nederland na een halfjaar in Japan te hebben gewoond voor zijn stage bij Konica Minolta. Al was het niet de eerste keer dat hij verhuisde voor zijn studie – eerder al een halfjaar naar Londen – is het toch weer even wennen om in Nederland te zijn. Genoeg reden om bij Vincent langs te gaan en te horen over zijn recente avonturen in Japan.

YES: Welkom terug, Vincent! Je bent al direct weer begonnen met je studie, dat zal vast wennen zijn na een halfjaar aan de andere kant van de wereld!

Vincent: “Dat is zeker wennen, het verschil in culturen kon bijna niet groter zijn.”

Y: Wat zijn de grootste cultuurverschillen die je hebt gemerkt?

V: “Het leven draait grotendeels om werk. Zelfs als je na werktijd iets leuks gaat doen zoals uit eten of activiteiten in het weekend, doe je die met je collega’s. Het collectief wordt echt als heel belangrijk ervaren en daar wordt veel tijd in geïnvesteerd. Dit is ook echt wat ik me herinner aan de periode daar: je bent onderdeel van een team en met hen doe je alles samen. Van boodschappen doen tot werken, van sporten tot eten. Hoewel je zoveel samen doet, is er weer niet echt sprake van intimiteit. Een echte band opbouwen met iemand waarbij je bij wijze van spreken je arm op iemands schouder legt is uit den boze terwijl we in Nederland wat dat betreft vrij amicaal zijn. Verder is gezichtsverlies echt not done. Dit wordt dan ook zoveel mogelijk uitgesloten. Men wil op een bepaalde manier aangesproken worden en een bepaalde manier van aanzien of gezag behouden. Hierbij hoort onder andere ook respect naar anderen toe, vooral naar degenen die ouder zijn of een hogere functie hebben dan jijzelf. En iets wat ik heel bijzonder vond waren de werktijden. Men wil zoveel en zolang mogelijk werken, want dat staat gelijk aan aanzien. Mensen gaan ook niet weg voordat hun manager het gebouw heeft verlaten. Daarentegen mocht ik zelf naar huis na een werkdag van 8 uur. Als ik dan wat langer bleef doorwerken om iets af te maken, vond men het heel gek dat ik niet gewoon naar huis ging. Vervolgens zit men wel tussendoor een powernap te doen omdat ze halverwege de dag zo moe zijn. Een heel tegenstrijdige situatie.”

Y: Dat is inderdaad heel wat anders dan we als Nederlanders gewend zijn! Merkte je ook verschillen op het gebied van facility management?

V: “Facility management in Japan is niet te vergelijken met Nederland. Dit komt grotendeels doordat het in Japan zo is dat men heel risicomijdend is, dus voor elk rampscenario ligt een plan klaar. Dit zie je ook terug in hun facility management, al staat FM wel meer in de kinderschoenen dan het in Nederland is. Facility management in Japan is erg gericht op alles dat met energie en energiebesparing te maken heeft. Daarnaast is er net een nieuwe wet ingevoerd die regels voorschrijft op het gebied van aardbevingen. Vele gebouwen moeten hierdoor worden herzien, dus ook gebouwenbeheer is hier onderdeel van facility management.”

Y: Je deed je stage bij Konica Minolta, de leverancier die we vroeger kenden van camera’s en bijbehorende apparatuur. Kan je wat meer vertellen over dit bedrijf en de taken die je hier had?

V: “Ik liep stage op het kantoor van Konica Minolta in Tokio en sinds enige tijd focussen zij zich met name op de zakelijke markt. Ze maken bijvoorbeeld grote printers voor drukkerijen en apparatuur voor de medische- en fashion industrie. Ik liep mee met de facility manager en had een aantal opdrachten waaronder het uitvoeren van een concurrentie onderzoek op basis van real estate locaties. Hier vulde ik het grootste gedeelte van mijn week mee.”

Y: Wat is je voornamelijk opgevallen in je tijd bij Konica Minolta?

V: “De Japanse collega’s zijn echt ontzettend goed met data, ze sturen ook eigenlijk alleen maar op data. Ze hebben cijfers van alles wat je je maar kan verzinnen. Mijn leidinggevende was dus de facility manager en vanwege de nieuwe wetgeving rondom aardbevingen moest hij alle Konica Minolta panden onder de loep nemen om te zien of deze aan de wetgeving voldeden. Hij had volledige statistieken van alle panden in de afgelopen jaren als het gaat om hoeveel en welke werkzaamheden zijn gedaan, wanneer de panden zijn gebouwd, of- en wanneer ze eerder door aardbevingen zijn getroffen en hoe erg de schade was, etc. Er zijn 1500 aardbevingen per jaar dus het is ook gewoon belangrijk om goed voorbereid te zijn. Op mijn eerste dag kreeg ik instructies over hoe te handelen bij een aardbeving. Ook dit is weer heel gestructureerd geregeld, alle risico’s vermijdend. Ik kreeg een eigen helm, en slechts een paar dagen later was het al zover: een aardbeving. Dus ik zat daar met mijn helm onder mijn bureau. Vervolgens wordt dan iedereen naar buiten geleid naar vooraf afgesproken plekken en is er een persoon die je toespreekt over de vervolgacties. In Nederland doen we altijd een beetje lacherig als het gaat om rampsituaties en dan vooral bij oefeningen, maar hier was het bloedserieus. Wat me verder is me opgevallen dat besluitvorming lang duurt. Dit komt mede doordat er in zulke hechte teams wordt gewerkt dat alles ook samen besloten dient te worden, ook de “minder belangrijke” beslissingen.”

Y: Wat vond je het leukste aan je stage in het buitenland?

V: “De diversiteit van Tokio: er is voor ieder wat wils en het is echt een stad vol tegenstellingen. Je ziet bij wijze van spreken een luxe wolkenkrabber tegenover een sloppenwijk. Je zult je er niet snel vervelen, er is altijd wat gaande. Ook vond ik het fijn dat Japan een heel schoon en gestructureerd land is. Verder heb ik mezelf vooral heel erg kunnen ontwikkelen. Ik heb mijn Engels kunnen verbeteren en kunnen leren van een nieuw land en een nieuwe cultuur.”

Y: Je bent nu al twee keer naar het buitenland geweest. Wij zeggen altijd: zodra je een keer weg bent geweest, ben je aangestoken door het figuurlijke buitenland virus. Zou je voor een derde keer naar het buitenland verhuizen?

V: “Ik zou heel graag nog een derde keer naar het buitenland willen voor stage, alleen zou ik dan graag binnen Europa willen blijven om ook hier wat meer kennis op te doen over de inhoud van facility management. In Japan heb ik me toch vooral op persoonlijk vlak ontwikkeld. Maar een half jaar stage vliegt voorbij, ik zou iedereen die nog twijfelt het absoluut aanraden. Het heeft mij zoveel gebracht. Ik ben ook bewust alleen gegaan waardoor je sneller mensen leert kennen en je sociale contacten uitbreidt. Een ervaring als deze geeft je een andere blik op jezelf en op de wereld, je hebt niks te verliezen dus ik zou het anderen altijd aanraden om te doen.”

Y: Heb je nog tips voor mensen die op het punt staan een internationale stage te doen?

V: “Praktisch gezien zijn dingen als een creditcard, geldig paspoort en een goede voorbereiding altijd van belang. Als het gaat om Japan specifiek zou ik aanraden een paar woorden te leren. Al moet ik zeggen dat dit bij mij niet heel handig uitpakte, want toen ik me voorstelde in het Japans bleven ze de hele dag Japans tegen me praten omdat ze dachten dat ik de taal sprak! Verder gewoon vertrouwen hebben in jezelf en in de mensen in het land waar je naartoe gaat, dan komt alles goed.”

Over de schrijver
Studenten inspireren en enthousiasmeren voor een buitenland stage is mijn passie. Door middel van blogs, tips, verhalen van andere studenten en een goede begeleiding helpen we jaarlijks tientallen studenten aan hun droomstage.
Reactie plaatsen